Logo Maldegem Leeft Fotocollage gemeentelijke bezienswaardigheden
 
Toerisme | Evenementen | Fietsverhuur | Logies | Musea |
Routes & Arrangementen
| Streekprodukten | Dagtrips voor groepen | Links
Aanpassing lettergrootte item home item contact item links item plan item zoeken
 

Titel Bezienswaardigheden

item  Deelgemeente Adegem item  Deelgemeente Middelburg  
item  Woonkern Donk item   Woonkern Kleit

subtitelBezienswaardigheden Maldegem.

  item Het gemeentehuis item Sint Barbarakerk item De Dekenij item Het Schepenhuis (Oud stadhuis)
  item Het Kasteeltje item Het kasteel van Reesinghe item De legende van ... item Het Sint-Anna kasteel - Park
  item Het stoomcentrum item Camera Obscura item Paardenmelkerijen item Pomme Charelle

 

Maldegem, een uitgestrekte en landelijke gemeente in de uiterste noordwesthoek van de Provincie Oost-Vlaanderen is niet zomaar een gemeente gelegen aan de belangrijke verkeerswegen Gent-Brugge (N9), Antwerpen-Kust (N49), Aalter (E40) en Nederland.
Maldegem heeft buiten zijn gunstige ligging heel wat meer te bieden aan de geïnteresseerde bezoeker.
Sedert 1 januari 1977 bestaat de gemeente Maldegem uit de deelgemeenten Adegem, Maldegem, Middelburg en de parochies Donk en Kleit. Onze gemeente is 9625 ha groot en telt een 22.000-tal inwoners.
Het is een aangenaam woon- en leefdorp met een vrij rijk historisch verleden. In de middeleeuwen was Maldegem één van de belangrijkste heerlijkheden van Vlaanderen. De faam van de heren van het oud adellijk geslacht van Maldegem drong tot ver buiten onze gewesten door en werd door vele kroniekschrijvers bevestigd.
De meeste faam verwierf Filips III die zich in 1300 onderscheidde door zijn onvoorwaardelijke trouw aan de Vlaamse Graaf Gewijde van Dampièrre. Hij verkreeg hiervoor de eretitel "die Loyale", die later door Maldegem werd overgenomen.
Maldegem beschikt ook over een mooi gemeentelijk park met eeuwenoude bomen met aanpalend het gemeentelijk overdekt zwembad. Twee sporthallen en drie voetbalvelden zijn beschikbaar. Er werd tevens een groots sportstadion gebouwd.
Omdat Maldegem overwegend een landbouwgemeente is, zult U er weinig industrie aantreffen.

 

 

Toch is ons industriepark vrij goed bebouwd. Onze bedrijven zijn bijna allen gevestigd in één gebied en er is geen enkel bedrijf te vinden dat werkelijk storend is voor het milieu.Typisch voor onze gemeente en onze streek zijn de talrijke bloem- , boom- en plantenkwekerijen, die zelfs tot ver buiten de gemeente een gunstige reputatie genieten. Er is ook een bloeiende middenstand en een gezellige markt op maandagmorgen.
Het streven naar vrede en samenwerking in Europees verband vindt gestalte in de verbroedering met Ermont (F), Wierden (NL), Lampertheim (D) en Adria (I).
De plaatselijke jeugdherberg "die Loyale" is een drukbezochte ontmoetingsplaats voor vriendschappelijke contacten met internationaal karakter.
Zoals u ziet heeft Maldegem de ééndagstoerist zeker heel wat te bieden.
Het is ook een goed gelegen uitgangspunt voor verdere verkenning van de streek. Ten noorden liggen Aardenburg, Sluis, Oostburg, Cadzand en de Scheldemonding op een boogscheut, afstand (25 km).Ook de Belgische Kust is binnen handbereik, met Knokke - Heist, het natuurgebied "Het Zwin", Zeebrugge en Blankenberge als trekpleisters (18 km).
Brugge, de kunststad bij uitstek, is op 16 km afstand zelfs per fiets te bereiken.
Andere kunststeden als Gent (35 km) en Antwerpen (75 km) zijn ook zeer geschikt voor daguitstappen. Per fiets of auto verken je ook ten noordoosten het landelijke Sint-Laureins met het unieke Krekengebied.

 

subsubtitelHet gemeentehuis.
Het gemeentehuis, temidden het ontdubbelde Marktplein, werd in 1907-1909 opgetrokken naar het model van de gemeentehuizen van Knokke en Sint-Niklaas. Op Kermiszondag 15 september 1907 legde burgemeester Charles Rotsart de Hertaing de eerste steen en reeds op 20 juni 1909 kon het stadhuis, zoals de Maldegemnaren het noemden, ingehuldigd worden. De eerste gewone raadszitting werd er op 4 augustus 1909 gehouden. Waar het gemeentehuis bij het begin veel te groot leek, bleek vrij vlug dat het Maldegemse gemeentebestuur deze keer vooruitziend was geweest; de administratieve diensten namen in de loop der jaren dermate toe dat het gemeentehuis nu nog maar nauwelijks alle diensten kan herbergen. In 1978 kreeg de toren een beiaard van 18 klokken, geschonken door de firma De Meyere ter gelegenheid van haar 150-jarig bestaan.

 

 
gemeentehuis Maldegem
 

subsubtitelDe Sint-Barbarakerk.
Oorspronkelijk was de Maldegemse kerk een kruiskerk: een middenbeuk met 2 zijkapellen en een koor.
De Sint-Barbarakerk, in 1074 gesticht op de plaats van een oudere bidplaats, was oorspronkelijk toegewijd aan Sint-Pieter. Opvallend is de zware onderbouw van de 11e eeuwse toren; het laat-gothische koor dateert uit de 15e eeuw; de toren is herbouwd in 1639; het hallenschip werd na de verwoesting in 1578 pas in 1778-1779 in classisistische stijl heropgericht.
De westelijke frontgevel van de kerk wordt door zware steunberen gestut. Hier en daar zien we nog restanten van het oorspronkelijke metselwerk. Op de deurstijl bemerken we het jaartal 1778. In de hoek, gevormd door de noordbeuk en de transeptarm, staat een achtkantige traptoren, langswaar men de toren kan bereiken. De kerktoren zelf biedt een heel zware indruk.
Het indrukwekkende vieringsmassief is een bakstenen blik. De achtkantige bovenbouw rust op trompen. Boven de gedenksteen van de Maldegemse gesneuvelden zien we een brandglasraam dat de "Kruisdood van Christus" voorstelt. De arduinen doopvont met koperen deksel werd in 1825 geplaatst.
In het Sint- Barbarakoor zien we 2 glasramen: "De Navolging van Christus door de Carmelitessen"en de "Veroordeling van de Heilige Barbara tot de marteldood".
In het noordelijk transept zien we het altaar van de Heilige Anna,het mooiste van de hele kerk. Het is in 1653 gemaakt door Brouckman en sierde vroeger het hoofdaltaar.
Bovenaan zien we het beeld van Sint-Anna-ten-drieën en daaronder het jaartal 1653. Het doksaal is Brugs werk van omstreeks 1779. Het Hooghuysorgel dateert uit 1865.
Achteraan in de kerk wordt de "Verrijzenis van Christus" in glas uitgebeeld. De predikstoel wordt geschraagd door een bevallig beeld van de Heilige Barbara.

 

 
Sint Barbarakerk Maldegem
 

subsubtitelDe dekenij.
Ongetwijfeld behoort de Maldegemse dekenij tot de merkwaardigste Maldegemse gebouwen. Bijzonder oordeelkundig gerestaureerd door toedoen van het Maldegemse gemeentebestuur (dat daarvoor beroep deed op eigen personeel!) biedt de dekenij een heel voorname indruk.
Het sierlijke pleisterwerk onder de kroonlijst, dat de in renaissancestijl uitgevoerde voorgevel bekroont, werd in zijn oorspronkelijke toestand gelaten, liever dan in een kitscherig aandoende restauratie te vervallen. Deze gevel is ook het tweede oudste gedeelte van het gebouw en dateert uit de 18e eeuw. Binnenin wordt dit deel door het salon en de ontvangkamer ingenomen.
Het oudste gedeelte van de dekenij bevindt zich aan de noordkant en dateert uit de 16e - 17e eeuw.
In de 19e eeuw werd dan nog op de westkant, tegen de Deken de Fonteynestraat, een "vleugel" bijgebouwd die gelukkig het geheel van het gebouw niet ontsiert.
In de ruime hal hangt het diploma van het "Verbond voor Heemkunde" van Oost-Vlaanderen, toegekend aan het Maldegemse gemeentebestuur omwille van de werkelijk geslaagde restauratie. Een bezoek aan de dekenij overtuigt iedereen ervan dat het diploma verdiend werd toegekend!

 

 
Dekenij
 

subsubtitelHet Schepenhuis en het Oud Stadhuis.
We bezoeken nu het historisch hart van Maldegem,
't Schepenhuis, werd in 1525 opgetrokken onder het impuls van Jacob van Halewijn, die Heer was van Maldegem van 1504 tot 1544. De voorgevel van het Schepenhuis was vroeger bekroond door een torenkapje waarin de gemeenteklok hing. Vòòr het Schepenhuis bevond zich een waterput en stond ook de Maldegemse schandpaal. Het Schepenhuis werd in 1930 praktisch volledig herbouwd. Naast het Schepenhuis staat het Oud Stad-huis, vroeger eigendom van Burgemeester Van Mullem en door een van zijn familieleden aan de Kerkfabriek van Maldegem geschonken. Deze herberg werd in 1644 door de Maldegemse magistraat gekocht om dienst te doen als Stadhuis. Momenteel in gebruik door Toerisme Maldegem..

 

 
Oud Schepenhuis
 

subsubtitelHet Kasteeltje.
Het kasteeltje werd in 1528 bewoond door Jacob van Halewijn die het enkele jaren daarvoor had laten bouwen. Die man heeft ook het Schepenhuis gebouwd en belangrijke herstellingswerken aan de kerk gefinancierd.
Na zijn overlijden, verkocht zijn zoon Adolf het Kasteeltje aan Filips van Maldegem. Na verbouwingen en verscheidene eigenaars, kocht Victor De Lille in 1904 dan het Kasteeltje. Victor De Lille (1863 - 1940) verbouwde de oude woning van de Halewijns in Spaanse stijl. De Lille verwierf bekendheid door zijn Duimpjesuitgaven en zijn zeer verspreid weekblad "'t Getrouwe Maldeghem", dat zijn hoogtepunt kende in de jaren 1926 - 1929, toen de "Moorden van Beernem" de ganse streek passioneerden.

 

 
Kasteeltje
 

subsubtitelHet Kasteel van Reesinghe.
Reesinghe was de gewone verblijfplaats van de Heren van Maldeghem. De burcht (of kasteel) was een vrij omvangrijk gebouwencomplex. Oorspronkelijk was de burcht een versterkte hoeve, ze was omgeven door een walgracht en gebouwd op een mote. Later werd deze hoeve een burcht. Reesinghe was met het dorp van Maldegem verbonden door een lange dreef, die in de loop van de 18e eeuw in de Steenweg werd opgenomen. Het Jachtslot dat we op de foto zien, werd in 1858 in neo-gothische stijl opgetrokken. Vòòr de bouw van dit slot bleef er van het kasteel niet veel meer over dan een ruïne. Reesinghe werdt enkele generaties lang bewoond door de familie Rotsart de Hertaing. Dhr. en Mvr. Ludo Maes hebben dit kasteeltje gekocht en helemaal gerestaureerd en wonen er nog steeds.
Reesinghe is het oude feodale hart van Maldegem, hier bevond zich de kern van het domein der Heren van Maldeghem, van wie velen roem verwierven door schitterende wapenfeiten of door hun trouwe dienst aan de Graaf van Vlaanderen.

 
Kasteel Reesinghe
 

subsubtitelDe legende van Mijnheerken Van Maldegem.
Op zekere dag toog Mijnheerken van Maldeghem op jacht, even buiten Brugge. Hij had tegenslag die dag, want het wild bleef uit zijn buurt. Plots bemerkte hij, tegen een reusachtige linde geleund, een herder met een prachtige jachthoorn als de zijne en vroeg aan de herder hoe hij aan de hoorn was gekomen. De herder antwoordde dat hij met de hoorn niets te maken had en dat hij moest maken dat hij wegkwam, zoniet zou hij op zijn hoorn blazen en zouden er zesendertig ketelaars te voorschijn komen. Dat wilde Mijnheerken van Maldeghem natuurlijk geloven. Hij greep de hoorn, blies erop en terstond kwamen de ketelaars uit het struikgewas gesprongen en in een oogwenk was Mijnheerken omsingeld. Nu kreeg onze held het toch wel even benauwd toen hij al die ongure tronies naar zijn bezittingen zag loeren. Gelukkig was er bij de rovers een man die Mijnheerken zeven jaar had vergezeld door alle dorpen en steden van Vlaanderen en zijn vroegere meester tijdig herkende: hij smeekte zijn kameraden hem het leven te laten. Vlug strooide Mijnheerken nog wat stuivers in het rond en deelde hij wat kledingsstukken uit.

 

 
Na een korte beraadslaging lieten de rovers hem dan ook vertrekken, op voorwaarde nochtans dat hij nooit iets over zijn bizarre avontuur zou vertellen, wat prompt werd beloofd. Nauwelijks terug in Brugge, liet Mijnheerken de vloer van zijn kamer met zand bedekken en ... hij schreef met zijn teen in het zand waar de zesendertig ketelaars zich ophielden. Binnen de kortste keren trok een groep soldaten naar de bossen rond Maldegem en dra zaten de ketelaars gevangen.
Ze werden opgesloten in een onderaardse kerker van Reesinghe, kregen elk een broodje en een kruik water, waarna de kerker hermetisch werd dichtgemetseld. De ijselijke kreten van de veroordeelden waren dagenlang tot ver in het dorp te horen ... Na deze gebeurtenis verbleef Mijnheerken nimmer meer op zijn kasteel: de linden groeiden, het kasteel brokkelde af en de kerker bleef gesloten. Sedert die tijd spookt het op Reesinghe en stapten de reizigers wat haastiger dan gewoonlijk voorbij het Kasteel, daarbij zenuwachtig een kruis slaand...
 

subsubtitelHet Sint-Annakasteel en het Sint-Annapark.
Het Sint-Annakasteel was vroeger het hospitaal van Maldegem. De stichter van dit hospitaal was Kanunnik Arnout van Maldeghem, afkomstig van Maldegem waar hij werd geboren op de hoeve Warhem. In 1273 schonk deze geestelijke een groot deel van zijn eigendommen, gelegen in en rond Maldegem, aan het Sint-Janshospitaal.
Nog in een andere rekening uit het Archief van het Sint-Janshospitaal (1573-1574) vonden we dat de kapelaan van Maldegem elke week twee missen celebreerde in de kapel van het hospitaal, doch in 1596 - 1567 was dit niet meer het geval. Waarschijnlijk zaten de beeldenstormers ook hier wel voor iets tussen. Wat er ook van zij, de zieken werden voortaan ter verzorging naar Brugge vervoerd waar ze volledig gratis behandeld werden en zelfs nog een bedrag kregen om de terugreis naar Maldegem aan te vatten.
In 1957 kocht de gemeente Maldegem het domein van de erfgenamen van Frederic Dhont. Het park werd voor het publiek opengesteld en even leek het erop dat de fraaie herenwoning zou verdwijnen. Door een effectief gevoerde aktie (Proces tegen Brugge) werd Sint-Anna tenslotte toch gerestaureerd.
Het was niet de eerste keer dat de Maldegemnaren opkwamen voor hun historisch erfgoed. Sedert 1981 voelt de Maldegemse politie zich thuis in het Sint-Annakasteel. Het gebouw zelf is waarschijnlijk tegen het eind van de 18e eeuw opgetrokken. Zijn definitieve vorm kreeg het in 1857: dit jaartal treffen we aan op een medaillon in het toegangshekken.
De Ede, een riviertje dat Maldegem van zuid naar noord doorkruist, begrenst er het mooie gemeentepark met eeuwenoude bomen.

 

 
Sint-Annapark
 

subsubtitelHet stoomcentrum
Het station van Maldegem is een levend stoommuseum. In het stoomcentrum van Maldegem, vind je de live steammodelbouw met de wondere wereld  van de industriële archeologie in een echt Vlaams plattelandsstation van 1862. Op de museumspoorlijn van Eeklo naar Maldegem rijdt de hijgende stoomtrein of een pruttelend "Kamielken" uit grootvaders tijd. Op harde houten banken of pluche eersteklaszetels doen de reizigers 't jachtige hedendaagse leven vergeten in het rustige decor van het groene meetjesland.

 

 
Stoomcentrum
 

subsubtitelCamera Obscura.

Fotografica Cinema Film
Fotograferende beeldjes

Camera Obscura toont een verzameling fotografica, cinematografica en fotograferende beeldjes.
De fotograferende beeldjes lopen als een rode draad door de tentoonstelling heen.
Camera Obscura vertelt een beetje het erfgoed van honderd jaar film en honderdvijftig jaar fotografie.
Op kijkhoogte voor de kinderen staat speelgoed met een link naar film en fotografie.
Camera Obscura neemt deel aan het project van Toerisme Meetjesland ‘Zomeractie 2009
De Grootste Reiziger van het Meetjesland.’
De voorstelling is op aanvraag te bezoeken.

CAMERA OBSCURA
Oude Aardenburgse Weg 29
9990 Maldegem
Telefoon : 050/71.25.76
E -mail: RYHEUL.NOEL@SKYNET.BE
Website: www.camob.be

 
Camera Obscura
 

subsubtitelPaardenmelkerij Filippus / Ter Burcht.
We kunnen begrijpen dat u eventjes de wenkbrauwen fronst als u dit leest, maar toch is het zo : in Maldegem zijn er 2 paardenmelkerijen. Hier worden de viervoeters zonder fout vijf keer per dag gemolken. Het resultaat van al dat werk is een geneeskrachtig natuurproduct dat voor van alles van nog goed is, en bovendien is het ook nog lekker. De Russische steppevolkeren gebruiken het al eeuwen om maag-, darm- en leverproblemen aan te pakken.
Maar paardenmelk is ook gewoon een versterkende drank die de weerstand verhoogt en de gezondheid bewaart. De samenstelling van paardenmelk lijkt verrassend veel op moedermelk. De melk bevat veel vitaminen, ijzer, mineralen en sporenelementen, heeft een laag vetgehalte en is bovendien neutraal van smaak. Na de vakkundige uitleg over het product, kan u een kijkje nemen in de stallen voor een demonstratie paardenmelken. U kan uiteraard ook nog eens proeven van het “witte goud”; Bovendien kan u nog proeven van een likeurtje op basis van paardenmelk en de overheerlijke paardenmelkijsjes.

 

 
Paard en melk
 

subsubtitelPomme Charelle.
In een omgebouwde schuur vinden we familiebedrijfje Pomme Charelle. De Pomme Charelle is een natuurzuivere zoete appelwijn gegarandeerd zonder toevoeging van enige chemische stof. De wijn wordt na minimum 1 jaar rijping in het vat gebotteld. Op een originele en ludieke manier komt u meer te weten over het maken van deze wijn, hoe deze te behandelen en vooral hoe ze te drinken. Wijnboer Karel nodigt u uit om te proeven van zijn brouwsel. Terwijl u zich als God in Frankrijk waant, geniet u van uw appelwijn. Let op : Pomme Charelle is geen cider, maar een echte aperitief- of degustiefwijn van 14,5°.
Pomme Charelle is officieel erkend door EROV (Economische Raad Oost-Vlaanderen) als Oost-Vlaams streekproduct.

 
Pomme Charelle

Top

 
 
   
sitemap   |  disclaimer