Logo Maldegem Leeft Fotocollage gemeentelijke bezienswaardigheden
 
Bezienswaardigheden
| Bescherming
Aanpassing lettergrootte item home item contact item links item plan item zoeken
 

subtitelOpgravingen op de kasteelsite van Middelburg.

item Opgravingen 2002 / 2003 item Opgravingen 2004
item Bilan na 3 jaar onderzoek: (pdf 179KB) (89KB)  

 

Van het kasteel van Middelburg is heden ten dage op het oppervlak niets meer te herkennen. Na het definitieve verval op het einde van de 17de eeuw verdwenen de ruïnes immers langzaam maar zeker onder het maaiveld. Door het verkavelen van de gronden in de tweede helft van jaren ’90 kwamen steeds meer resten van het vroegere kasteel aan het licht.

Pas in 2002 startten de reguliere opgravingen. Bij dit onderzoek kwam een halfronde toren aan het licht. Een tweetal stortkokers en vooral ook de grachtvulling leverden archeologische vondsten op die dateren uit de bloeitijd en de turbulente momenten van de Middelburgse geschiedenis. Het gaat hem om heel wat aardewerk, glas en ook metaalvondsten. Kanonballen, dolken en musketkogels weerspiegelen de oorlogstijden die kasteel en stad doormaakten. De plattegrond van het kasteel roept heel wat parallellen op met enkele Noord-Franse kastelen uit dezelfde tijd.

Luchtfoto opgravingen in Middelburg Plattegrond kasteelsite in Middelburg
   
Opgravingen in Middelburg 2002 Opgravingen in Middelburg 2003

opgravingen in 2002

 

opgravingen in 2003
Foto wandtegel
Foto kacheloventegel

wandtegel met initialen van Pieter Bladelin

 

kacheloventegel
Foto stenen kruik Foto metalen schotel
stenen kruik metalen schotel

Top

Balans opgravingen in 2004.

1. Kasteelstraat
Naar aanleiding van een geplande nieuwbouw in de verkaveling Kasteelstraat kon een gedeelte van de voormalige stadsgracht gesitueerd worden. Deze gracht vormt ter hoogte van de kasteelsite in feite ook de buitenste omheiningsgracht van het kasteel vermits hij er omheen loopt en door een aarden wal van de binnenste kasteelgracht werd gescheiden. Van de gedempte stadsgracht bleef een smalle en diepe, rechtlijnige gracht als relict bewaard in het landschap. Bij controle voorafgaand aan de bouwactiviteiten werd de noordelijke oever aangesneden op ca. 3m afstand van de bestaande gracht.

2. Kloosterstraat 7
In de tuin van de woning gelegen op de hoek van de Kloosterstraat en de Kasteelstraat kon, op vraag van de eigenaars, een gedeelte van een bakstenen constructie worden onderzocht. De aanleiding vormde de aanleg van een werkput voor een septische put en afvoerleidingen.
Parallel met de Kloosterstraat kon een bakstenen muur (gele en rode bakstenen 21/22x10/11x5/5.5cm) over een lengte van 5.70m geregistreerd worden. De muur was tot op 30cm onder het gazon bewaard en had een dikte van 0.30m. Van het opgaande metselwerk in het traditionele Vlaamse verband waren nog maximaal 4 lagen bewaard. In het oosten was haaks tegen de muur een overwelfde beerput aangelegd met een vastgestelde lengte van 5.25m die echter doorliep in de richting van de Kloosterstraat. Aan de hand van de opvulling bleek dat de beerput in gebruik bleef tot in het tweede kwart van de 20ste eeuw. Vermoedelijk werd de constructie gedempt met de heropbouw van Middelburg na de vernieling van W.O.II. Dergelijke beerkelders zijn geen uitzonderlijk gegeven in woningen uit de periode 15-17e eeuw, ze worden echter vooral bij huizen van het stadstype aangetroffen.
De waarnemingen in de Kloosterstraat 7 wijzen erop dat onder zowat elk huis in Middelburgse dorpskom resten van laatmiddeleeuwse constructies aanwezig kunnen zijn. De Kaart van Van Deventer (1550) toont overigens op de plaats waar nu woning nr. 7 staat reeds een stenen gebouw. Sommige moderne gebouwen rusten met hun fundering zelfs nog op hun veel oudere voorgangers. Het onderzoek toont verder aan dat zelfs kleine bodemingrepen toch interessante vaststellingen kunnen opleveren.

Foto voorzijde neerhof met hoektoren Foto zijkant hoektoren neerhof met gevulde latrine/stortkoker

3. Kasteelsite

Het archeologisch onderzoek in 2004 spitste zich volledig toe op het noordoostelijke gedeelte van het kasteeldomein. Het zuidoostelijke gedeelte werd reeds tussen 2002 en 2003 onderzocht. Doordat het deel van het kasteeldomein gelegen aan de noordelijke zijde van de Kasteelstraat (zone tramstation) door een nieuwe verkaveling bedreigd wordt, werd gestart met een grootschalige opgravingscampagne.
Het opperhof: noordelijke hoektoren:
Van het eigenlijke kasteel (opperhof) kon slechts een gedeelte (ca. 1/4e) van de noordoostelijke hoektoren bestudeerd worden. De bakstenen toren (gele poldersteen 21x10-10.5x5-5.5cm) heeft een buitendiameter van 12m en een muurdikte van 2.30m en rust op een onderbouw die aan de buitenzijde trapvormig verbreed.
Net ten westen van de toren werden in de gracht, net onder de afbraak/puinlaag van de toren, de restanten aangetroffen van een sloep. In het verslag van pastoor-cantor D’hooge in 1587 over het onheil dat de geuzen vanaf 1572 aanrichtten, wordt vermeld dat “de schuute van den casteele” die op de wal lag tot zinken werd gebracht. Dendrochronologisch onderzoek zal moeten uitwijzen als de datering van de schuit in overeenstemming kan gebracht worden met dit historisch vastgesteld feit.

Het neerhof:
De omheiningsmuur van het neerhof heeft een lengte van 20.74m en is in het oosten (voorzijde) voorzien van een rechthoekige vleugel met hoektorentje. Aan het oostelijke einde is aan de noordkant van de omheiningsmuur een rechthoekige vleugel voorzien van 4.65 op 6 m (buitenwerks) met op de noordoostelijke hoek een klein ¾ rond hoektorentje (diameter 2.5m). In de noordelijke hoek van het torentje met de vleugel werd in de dikte van de muur een latrine/stortkoker ingewerkt (fig.8). De oostmuur loopt 11.10m verder zuidwaarts en sluit aan bij de restanten van een tweede halfronde toren, die deel uitmaakte van het toegangscomplex tot het voorhof waarbij men het neerhof betrad via een brug die ter hoogte van de ingang door wellicht twee halfronde torens werd geflankeerd. Bouwtechnisch is de torenromp op dezelfde manier geconstrueerd als het overige muurwerk. In de hoek met de oostmuur stak een schuin naar de gracht toe afhellende natuurstenen plaat, wat wijst op een verdwenen stortkoker. De uitvloei ervan kon nog voor een gedeelte bemonsterd worden. Ook de noordelijke en oostelijke gracht konden gesitueerd worden.

Wie meer wil weten: tiende Heemkundige jaarboek van Het Ambacht Maldegem
Met dank aan iedereen die gegevens aanleverde voor deze bijdrage.

Foto noordelijke hoektoren opperhof

Top

 
 
   
sitemap   |  disclaimer