Het economisch profiel van Maldegem

Maldegem kende in het jaar 2021 24 168 inwoners, goed voor 10 478 private huishoudens. De bevolkingsdichtheid is met 253 inwoners per m² de helft van het Oost-Vlaamse gemiddelde (510 inw/m²). Het gemiddeld netto belastbaar inkomen per belastingplichtige ligt in Maldegem (24 330 euro in 2018) in de lijn van gemeenten met vergelijkbaar profiel (24 447 euro) maar wel onder het Oost-Vlaamse gemiddelde (26 072 euro). Belfius catalogeert Maldegem  tegenwoordig als landelijke woongemeenten met eerder vergrijzende bevolking.

Er is een negatieve arbeidspendel (er werken meer Maldegemnaren buiten Maldegem dan er niet-Maldegemnaren in Maldegem werken). Maar de uitbreiding van de bedrijvenzone zal dit cijfer in de toekomst beïnvloeden. In tien jaar tijd is het aantal actieve ondernemingen gestegen van 2 253 (2010) naar 2 840 (2020). De netto-aangroei van bedrijven steeg in 2020 wel minder snel in Maldegem (3.4%) dan gemiddeld in de provincie (4.8%). Met een ondernemersgraad ten aanzien van de bevolking tussen 15 en 64 jaar van 14.4% scoort Maldegem beter dan gemiddeld in Oost-Vlaanderen (11%). Dit maakt dat het verantwoord is om beleidsmatig in te zetten op het beleidsdomein ‘lokale economie’ .

Ook het aantal effectief werkenden tov dat deel van de bevolking is hoger met een werkzaamheidsgraad van 74.1% in Maldegem tov 71% voor heel Oost-Vlaanderen. Met de  werkzoekenden toegevoegd aan de effectief werkenden (activiteitsgraad) komt dit voor Maldegem op 76,9% tegenover 75.3% voor de provincie (cijfers 2019). De werkzoekendengraad is met 4.1% beduidend lager in Maldegem dan gemiddeld in Oost-Vlaanderen (6%).

Het aantal handelspanden en de winkelvloeroppervlakte zijn in Maldegem gestaag gedaald, vooral tussen 2015 en 2021. Hiermee volgt Maldegem de algemene trend. Het aantal handelspanden (20.61) en de winkelvloeroppervlakte (2 650 m²) per 1000 inwoners liggen wel hoger dan gemiddeld in Oost-Vlaanderen (18.21 panden en 1 932 m²). Het aantal ketenwinkels is gelijk gebleven. Het zijn vooral de zelfstandige winkels die zijn afgenomen. De leegstand bedraagt 8.5% van de totale winkelvloeroppervlakte (cijfer voor 2021), wat lager is dan gemiddeld in Oost-Vlaanderen (11.2%). Minder dan een vierde van de leegstand is structureel (>3 jaar). Een derde is langdurig (tussen 1 en 3 jaar). Leegstand verdient aandacht en opvolging, maar is niet dramatisch. We spreken over 17 panden die langdurig of structureel leegstaan, over het hele grondgebied.

Qua oppervlakte handelsaanbod zijn vooral de branches in en om woning (31.8%); kledij en mode (21.6%) en levensmiddelen (17.6%) goed vertegenwoordigd. Qua aantal panden zijn vooral diensten (24.3%); horeca (19.5%); levensmiddelen (11%); garages (10.8%); in en om woning (7.2%) en kleding en mode (6%) vertegenwoordigd. De evolutie van de panden qua oppervlakte is doorheen de jaren nauwelijks gewijzigd. Er zijn ook 42 handelspanden met een netto winkelvloeroppervlakte van >400 m², in alle vier de categorieën van het decreet integraal handelsvestigingsbeleid (voeding, persoonsuitrusting; planten en bloemen en overige).

De laatste vijftien jaar is het aantal horecazaken licht toegenomen (van 92 naar 98) met minder klassieke cafés, meer eetcafés, afhaalzaken, logies en de komst van enkele koffiehuizen. Horeca is belangrijk voor de sfeer en het straatbeeld.

Wat de koopstromen betreft is er koopattractie met klanten voornamelijk uit Sijsele, Beernem, Sint-Laureins, Aalter en Eeklo. Koopvlucht is er vooral richting Knokke-Heist, Sluis, Brugge, Aalter, Eeklo en Gent.

(Bron: Provincie in cijfers - 2022)

Contact